

Wat blijft staan in een vereniging vol verandering?
Wat doe je als de energie weg is, de zalen leeg blijven en je leden vertrekken? Bij VERS werd het tijd voor een reboot. Een nieuw bestuur boog zich over beleid, zichtbaarheid en de vraag: hoe blijven we relevant voor nieuwe makers?
Een gesprek met voorzitter Guus Buijing (28), secretaris Wilke Geurds (27) en penningmeester Thomas Spiekhout (25) over hoe ze VERS opnieuw op de kaart hebben gezet. Wanneer ik het bestuur van VERS spreek, is de zomerborrel bij FC Hyena net achter de rug. Een klein buitje bij een ondergaande zon en het nieuws dat Guus en Thomas hun laatste paar maanden als bestuursleden ingaan.
Tussen de speeddates en schuivende glazen klinkt ook iets anders door: VERS staat weer op de kaart. Niet alleen bij leden, maar ook bij partners en collega-organisaties. VERS is een vereniging die je je hele carrière bij blijft, het is een plek waar je binnenkomt, groeit, en zelfverzekerd verder gaat. Het constante verloop van actieve leden vraagt daarom om een stevige, stabiele thuisbasis waarop nieuwe makers telkens weer kunnen landen.

Rechts Thomas Spiekhout, voormalig Penningmeester bij VERS. Beeld door Wilke Geurds
Thomas blikt terug op een spannende start: “Toen ik erbij kwam, stond de organisatie er financieel niet goed voor.” Automatisering was hard nodig. “We werkten vanuit losse documenten in verschillende programma’s, veel ad hoc.” legt Thomas uit. “We waren als vrijwilligers veel tijd kwijt aan de organisatie zelf en intussen raakte VERS een groot deel van haar zichtbaarheid kwijt.” “Als vereniging zaten we zo’n beetje tegen de ondergrens aan”, vult Guus aan. Dit allemaal vroeg om snelle actie vanuit het bestuur, maar juist in een periode waarin de middelen schaars waren.
Lees hieronder het interview met de bestuursleden.
Vanwaar het besluit om VERS te vernieuwen?
Guus: Twee jaar geleden merkte ik met het toenmalige bestuur op dat wat we deden voor leden simpelweg niet meer werkte. Het ledenaantal was over de jaren gedaald tot bijna een tiende van wat het ooit was op de piek, de evenementen trokken geen volle zalen meer, en ons festival bereikte nauwelijks publiek buiten de genodigden. Financieel zat het ook niet goed. Als we toen geen grote stappen hadden gezet, was VERS er nu waarschijnlijk niet meer geweest.
Thomas: We zouden er volgend jaar zeker niet meer zijn geweest als mijn voorgangers, onder wie Noa Zimmerman, niet een paar grote stappen richting vernieuwing hadden genomen. Het doel was om VERS allereerst financieel gezond te maken en daarna verder te professionaliseren. We hebben daarin vooral geïnvesteerd in zichtbaarheid en waardecreatie — om relevant te blijven voor nieuwe makers én om onze organisatie op lange termijn draaiende te kunnen houden.
Wilke: Belangrijk om daarbij te benoemen is onze capaciteit. Ook het bestuur bestaat uit vrijwilligers. Nog vaak zo’n acht tot tien uur per week, naast onze eigen projecten in de sector. Maar je bent wel samen iets aan het bouwen, dat geeft energie. Je voelt je verbonden met je doelgroep, gemotiveerd om het beter te maken voor anderen die in hetzelfde schuitje zitten. Tegelijkertijd vraagt het ook om gezonde persoonlijke grenzen. Ik merk soms nog steeds dat ik ieder vrij uurtje in VERS steek, en dan achteraf pas denk: dit is eigenlijk net even te veel.
Wat werkte er volgens jullie niet?
Thomas: Er waren eigenlijk twee lagen. Aan de buitenkant begon VERS zijn aantrekkingskracht te verliezen: nieuwe makers vonden ons simpelweg niet interessant genoeg meer. En aan de binnenkant ontbrak het aan iets fundamentelers: geld. Die combinatie zorgde ervoor dat de brug die VERS jarenlang bood tussen filmopleidingen en het werkveld, langzaam instortte. Nieuwe makers vonden snellere routes via Instagram, LinkedIn en TikTok, platforms die razendsnel laten zien wat er speelt en waar je bij moet zijn. VERS was op dat moment niet meer het eerste waar je aan dacht als je jezelf wegwijs wilde maken in de filmsector.
Guus: Toen ik als voorzitter begon, werkten we nog met online ledenprofielen waar je kon inloggen, à la “Hyves”. We merkten dat dit in de huidige tijd niet meer werkte voor jonge makers. De profielen werden nauwelijks meer gebruikt en sociale netwerken hebben alleen een toegevoegde waarde als mensen er dagelijks naar terugkeren. Als jouw vrienden en je voorbeelden naar iets anders overstappen, volg jij ook vanzelf. Dat zag je ook bij ons: hoe minder mensen inlogden of kwamen opdagen, hoe minder reden er was om zelf te blijven. Het werd een vicieuze cirkel.
Waar begin je?
Wilke: Terwijl onze vereniging in de steigers stond, zijn we als nieuw bestuur eerst samen op pad gegaan. We wilden weten: waar is nu écht behoefte aan? We stelden een lijst op van opleidingen in Nederland. Heel belangrijk dat we alle soorten opleidingen,van mbo tot universitaire masters, betrekken bij de vereniging, omdat je als nieuwe filmmaker al deze contacten nodig gaat hebben en dit soort makers moeilijk op andere manieren met elkaar in contact komen. Dit is de reden waarom VERS in 1996 is opgericht en het een formule is die nog steeds werkt.
Guus: Daarnaast waren we zichtbaar op festivals als het Nederlands Film Festival, Go Shorts en Movies That Matter. Dat zijn plekken waar veel professionals en nieuwe makers samenkomen, maar ook waar je als maker zélf graag wil zijn, om professionals te ontmoeten en verder te komen. Via speeddates en talentdagen raakten we in gesprek met jonge makers die vaak voor het eerst van VERS hoorden. En dan is het mooi dat we kunnen laten zien: VERS is niet alleen iets waar je naartoe komt, maar ook iets waar je aan kunt bijdragen.
Wilke: VERS is een landelijke vereniging, maar we willen ook graag meer uitwisseling met goed georganiseerde filmhubs uit verschillende regio’s. Denk aan plekken als onder andere CineSud, CineZee, Oostpact, New Noardic Wave en We Are Playgroundz — daar gebeurt zoveel moois. Het zou heel tof zijn om meer met elkaar te delen en samen te werken.
Interview gaat hierna verder.

Producent Guus Buijing tijdens de VERS zomerborrel bij FC Hyena
De prioriteit verschoof naar één centrale vraag: Hoe maken we van VERS een duurzame organisatie die relevant blijft en ook op de lange termijn kan voortbestaan? “De eerste focus lag op stabiliseren en dus niet op groei”, vertelt Wilke. “Pas toen die basis lag, konden we ons afvragen: ‘Hoe worden we weer aantrekkelijk en blijven wij relevant voor nieuwe makers?’” De sleutelterm daarin werd waardecreatie. “Niet als modewoord,” zegt Thomas, " maar als uitgangspunt: welke concrete waarde biedt VERS haar leden en hoe kunnen leden dat herkennen?”
”Je moet je flexibel durven te bewegen.” — Guus Buijning
Kort geleden presenteerde het bestuur van VERS een case-study aan de Creatieve Coalitie. Over het vernieuwde beleid, de zichtbaarheid van VERS, en vooral het bereiken van een doelgroep die zich steeds opnieuw uitvindt. “Onze doelgroepen verversen zichzelf continu.” vervolgt voorzitter Guus. “Nieuwe makers stromen in, maar vertrekken ook weer zodra ze hun plek in het werkveld vinden. Dat betekent dat we ons voortdurend moeten aanpassen aan de behoeftes en het gedrag van een nieuwe lichting.”
“Deze nieuwe generatie makers oriënteert zich nog maar net op de arbeidsmarkt. Hun betrokkenheid bij verenigingen verloopt anders, minder voorspelbaar. De tour [langs relevante onderwijsinstellingen in Nederland] hielp ons bij het beantwoorden van de vraag: sluit onze aanpak nog aan bij wie zij nú zijn?” Die zelfreflectie werd de motor achter het nieuwe beleid: niet alleen om te vernieuwen, maar vooral om opnieuw aan te sluiten. “Dat is misschien wel de belangrijkste les van de afgelopen jaren: je moet flexibel durven te bewegen, ook als het ongemakkelijk is.
Wat gaat er goed, wat kan beter?
Wilke: Sinds we ons nieuwe beleid uit zijn gaan voeren, zijn we voor het eerst in lange tijd weer aan het groeien met zo’n tachtig nieuwe leden in een jaar. Wat ik vooral belangrijk vind voor de komende tijd, is dat we onze zichtbaarheid blijven vergroten. Denk aan meer schoolbezoeken, aanwezig zijn op festivals, en ervoor zorgen dat de eerste stap die je als beginnend filmmaker zet, is: aankloppen bij VERS. Daarnaast ben ik bezig met het verbeteren van de interne structuur van de vereniging. Dat betekent: betere communicatieplatformen, een duidelijke onboarding en bijvoorbeeld jaarlijks een ledenuitje. Zo zorgen we ervoor dat onze vrijwilligers zich verbonden blijven voelen met VERS.
Guus: Naast de duidelijke groei in het aantal leden hebben we ook flinke stappen gezet in de ontwikkeling van onze interne organisatie. Onze dagelijkse werkwijze is een stuk professioneler geworden, met gestructureerde vergaderingen en zorgvuldige documentatie. Tegelijkertijd is het informele, hechte karakter van VERS behouden gebleven. En uiteraard is er na afloop van een vergadering nog altijd ruimte voor een fluitje.
Thomas: Zonder onszelf op de borst te kloppen denk ik dat we, het dagelijks bestuur, alle ontzettend capabele teamcoördinatoren en alle betrokken teamleden, een kentering teweeg hebben gebracht die voor een positieve spiraal zorgt in de bedrijfsvoering, en tegelijkertijd steeds meer aandacht vraagt. In andere woorden: we hebben onszelf wel wat op de hals gehaald door te hameren op professionalisering en groei. In het omvormingsproces waar we nu in zitten merken we dat we tegen een plafond aankomen, en om VERS écht sterk te maken zullen we een stap moeten zetten die een nog grotere investering vraagt, in zowel tijd als geld. We zouden baat hebben bij een forse uitbreiding van ons team om de limieten waar we nu tegenaan lopen te verruimen, maar om die stap te zetten moeten we putten uit bronnen die we nu niet tot onze beschikking hebben.
Wat is er allemaal nieuw?
Wilke: Haha, heb je even?
Guus: We hebben flink opgeschaald. Begin dit jaar kwam een nieuw VERS Magazine uit. Deze is verspreid van filmhuizen en culturele instellingen, van Groningen tot Maastricht. Ook zijn we bij de events in gaan zetten op prominentere sprekers die jongeren iets actueels mee kunnen geven. Gevierde makers zoals Michiel ten Horn en Julia Akkermans werkten graag mee, omdat ook zij de nieuwe generatie willen ondersteunen. Tijdens het afgelopen VERS Film Festival hebben we het programma flink uitgebreid, en dat wierp zijn vruchten af: er kwamen maar liefst 600 bezoekers op af. Daarnaast hebben we de communicatie geprofessionaliseerd. We zijn begonnen met betaalde marketing. Niet alleen om onze zichtbaarheid te vergroten, maar ook om te laten zien: hé, wij zijn er nog en werken als nieuwe makers actief aan het verbeteren van de positie van andere nieuwe makers.
Wilke: En natuurlijk nog even een shout-out naar jullie van de redactie! Tijdens ons filmfestival hebben jullie een super mooie pilot opgezet om meer interactie met makers vast te leggen voor op onze socials. Dat werkte echt goed — het gaf meteen een extra laag aan wat er op het festival gebeurde.
Thomas: Ja, jullie waren drie dagen lang niet weg te slepen.
Waar kijken jullie naar uit voor de toekomst?
Thomas: Ik kijk uit naar een dag waarop we achterover kunnen leunen en kunnen zeggen: dit hebben we allemaal maar mooi gefixt. Doordat er steeds meer werk op ons bordje komt realiseren we ons te weinig wat we wél hebben bereikt.
Wilke: Volgend jaar bestaat VERS 30 jaar. En we beloven groter uit te pakken en terug te blikken van 2026 naar 1996. Verder kan ik niet wachten om na de zomerstop met een nieuw bestuur beginnen te schrijven aan ons beleid voor 2026-2028.
Guus: Het zou fantastisch zijn als een nieuw bestuur door kan zetten wat wij zijn begonnen. VERS kan nog zoveel groeien, het voelt als een missie zonder eind. Een never ending story. ∎

Het bestuur samen met Joy Wanders, markering coördinator bij VERS, tijdens het NFF talentenplein
Wilke Geurds woont in Leiden, waar ze afstudeerde in Visual Ethnography, een specialisatie binnen Culturele Antropologie en daarna nog een tweede master Documentaire en Fictie volgde aan de Universiteit van Amsterdam.
Thomas Spiekhout woont in Amsterdam en studeerde af als Producent aan de Nederlandse Filmacademie en sloot zich vorig jaar als penningmeester aan bij het bestuur van VERS.
Guus Buijing woont in Amsterdam en is afgestudeerd met de Master Film Studies aan de UvA. Naast zijn betrokkenheid bij VERS is hij freelance productieleider.
Related Post
Sorted on the current catagory

Intimiteitscoördinatie wint terrein in de Nederlandse filmindustrie, en de gesprekken die daaruit voortkomen zijn precies waar het om gaat. In samenwerking met NAPA en NCP organiseert de community van zelfstandige intimiteits coördinatoren bijeenkomsten om kennis en praktijk dichter bij elkaar te brengen over hoe we werken, wat we meenemen naar de set, en hoe we elkaars voorbereidingswerk beter kunnen begrijpen voordat de camera draait. Dit stuk is mijn bijdrage aan dat gesprek.

Bird is optimistisch, zonder blind te zijn voor de verschrikkelijke dingen die gebeuren in de wereld
Met de film Bird keert filmmaker Andrea Arnold American Honey (2016), Fish Tank (2009) terug naar haar Britse roots met een sprookjesachtig coming-of-age verhaal.




